NIEUWS
Uitreiking postume onderscheidingen 8 maart 2019
geplaatst 13 maart
Uitreiking postume onderscheidingen.
Op vrijdag 8 maart heeft de commandant Bronbeek kolonel Karel van Dreumel postuum onderscheidingen uitgereikt aan nabestaanden van 4 mannen.
1 Theodorus Gieltjes .

2 Erlo Humbertus Winter

3 Albert Kadmaijer
4 Adelbert Reginald Scipio

  foto's Geertje Besselink
commandant Bronbeek, kolonel Karel van Dreumel hield een gloedvolle speech voor de 4 mannen die zo geleden hadden als krijgsgevangene onder Japanse bezetting.

 

Hieronder een stukje uit zijn speech, waarin hij de mannen nog even naar ons toe haalt.

1. Adjudant-onderofficier-staftrompetter, Theodorus Wilhelmus Gieltjes,
Gielltjes werd geboren op 24 januari 1894 te Arnhem. Hij tekende op 28 februari 1914 voor zes jaren dienst bij de koloniale troepen zowel in als buiten Europa.
Hij werd ingedeeld bij het 2e Halfregiment Cavalerie te Salatiga op Java.
In 1915 volgde zijn benoeming tot trompetter. Dat jaar volgde hij ook met succes de opleiding tot seiner eerste klasse. In 1920 liep zijn eerste verband af, maar hij tekende bij.
In 1921 en 1928 was hij met verlof in Nederland.
In 1920 volgde bevordering tot wachtmeester. In de tussentijd voldeed hij ook aan de proeven voor scherpschutter karabijn.
In 1920 trouwde Gieltjes met E.F.M. Genteraar. Uit dit huwelijk werden twee dochters geboren.
In 1926 en 1929 werd Gieltjes respectievelijk voor twee en drie maanden bij de Stafmuziek te Batavia gedetacheerd. In het laatste jaar slaagde hij voor het examen kapelmeester.
In 1931 werd hij bevorderd tot opperwachtmeester staftrompetter.
Op eigen verzoek nam hij in 1933 ontslag en vertrok naar Nederland.
Maar de dienst liet hem toch niet los, eind 1934 nam Gieltjes opnieuw dienst en werd in maart 1935 geplaatst als kapelmeester Muziekkorps Cavalerie te Bandoeng, Java.
In 1937 volgde bevordering tot adjudant-onderofficier-staftrompetter.
In de jaren '30 werd bij de cavalerie een muziekkorps van 24 muzikanten toegestaan.
Dit muziekkorps werd uit vrijwillige bijdragen van officieren en de opbrengst van particuliere muziekuitvoeringen betaald.
Het Muziekkorps Cavalerie won onder leiding van kapelmeester Gieltjes op het militaire muziekconcours op de Bandoengse Jaarbeurs 1937 op 4 juli van dat jaar de eerste prijs in de categorie A. opgegeven marsen.
Na de mobilisatie in december 1941 werd Gieltjes in februari 1942 geplaatst bij de Staf van het 1e Regiment Cavalerie.
Op 5 maart kreeg hij een motorongeluk en werd in de Centrale Burgerlijke Ziekeninrichting (C.B.Z.) in Batavia opgenomen, de 13e werd hij officieel krijgsgevangen gemaakt (4 dagen na de capitulatie).
Gieltjes werd eind 1942 per schip naar Thailand getransporteerd. Waarschijnlijk maakte hij deel uit van de Java Party 5 (het 5de krijgsgevangenentransport van Java) op het vrachtschip de Dainichi Maru 3.
Hij kwam uiteindelijk terecht in No. 7 Branch Camp of Thai POW Camp, te Kanchanaburi Thailand om te werken aan de beruchtte Birma Siam Spoorlijn .
Op 30 augustus 1945 werd Gieltjes bevrijd.
Java zou hij echter niet meer terug zien. Op 29 mei 1946 overleed hij in het Rode Kruis Hospitaal te Bangkok, Siam/Thailand.
Op basis van zijn verdienste en als blijk van respect en waardering voor zijn inzet onder buitengewoon moeilijke omstandigheden en het door hem gebrachte hoogst mogelijke offer wordt hem postuum toegekend het  Mobilisatie-oorlogskruis
   
#Dainichi Maru 3  
#Birma Siam Spoorlijn  
2. Landstorm soldaat infanterie, Erlo Humberto Winter
Erlo Humberto Winter werd geboren op 21 november 1897 te Bojolali (Midden-Java). Hij was bosarchitect eerste klasse bij het Boswezen in Temanggoeng (Midden-Java).
Hij trouwde in 1918 met D. Kuyt. Uit dit huwelijk werden zeven kinderen geboren.
Bij de mobilisatie in december 1941 (hij was toen 44 jaar oud) werd Winter dienstplichtig.
Hij diende als soldaat infanterie bij de Afdeling Landstorm Magelang. De Landstorm was bedoeld voor inzet in het achterland voor de handhaving van orde en rust.
Midden-Java werd nagenoeg uitsluitend met territoriale troepen verdedigd tegen de bij Kragan gelande Japanse troepen. Ook de afdeling Landstorm Magelang werd daarbij ingezet. De Landstorm was natuurlijk niet geschikt voor gevechtsacties tegen vijandige troepen. Spoedig moesten deze troepen zich dan ook overgeven.
Op Java capituleerde het KNIL op 9 maart 1942. Winter ging volgens zijn interneringskaart pas op 23 mei van dat jaar in krijgsgevangenschap. Ook hij kwam uiteindelijke te werken als krijgsgevangene voor de Japanners aan de Birma-Siam spoorlijn
Hij verbleef in No. 3 Branch Camp of Java POW Camp in Surabaya en No. 6 Branch Camp of Thai POW Camp. No. 6 Branch Camp of Thai POW Camp (naam gewijzigd in No. 1 Branch Camp of Thai POW Camp) werd in januari 1943 opgericht in Kinsayok.
Het kamp werkte voor Railway Regiment van het Keizerlijk Japanse Leger aan de Birma-Siam spoorlijn.
Op 29 januari 1943 werd hij ziek. Op 5 maart 1943 overleed hij in No. 6 Branch Camp of Thai POW Camp in het dorp Rin Tin, Kanchanaburi.
Op basis van zijn verdienste en als blijk van respect en waardering voor zijn inzet onder buitengewoon moeilijke omstandigheden en het door hem gebrachte hoogst mogelijke offer wordt hem postuum toegekend: Mobilisatie-oorlogskruis, Ereteken voor Orde en Vrede en het Demobilisatie-insigne KNIL
   
# Rintin
# Oorlogsgravenstichting
# Erelijst gevallenen
3. Soldaat tweede klasse infanterie Abert Kadmaijer
Kadmaijer werd geboren op 17 maart 1927 te Watngil Kei Kecil (Kei-eilanden).
Op 19 september 1947 nam hij vrijwillig dienst bij het KNIL op het eiland Morotai. Na zijn opleiding bij het Depot Makala/Rantepao werd Kadmaijer p 2 juni 1948 geplaatst bij de 3de compagnie 13de Infanterie Bataljon (lnf XIII) te Bandjarmasin, Borneo /Kalimantan als soldaat tweede klasse
In verband met de reorganisatie van het KNIL, lees opheffing, werd Kadmaijer op 20 mei 1950 eervol uit de dienst ontslagen. Op 1 augustus 1950 volgde overplaatsing naar het doorgangskamp (DGK) Balikpapan en vandaar op 29 augustus 1950 naar doorgangskamp Semarang. Kadmaijer wilde demobiliseren in Tual, kampong Uwak (Amboina).
Bij de opheffing van het KNIL verliep de overgang naar het leger van IndonesiŽ of demobilisatie van vooral Molukse militairen uiterst gecompliceerd. Alle nog niet afgevloeide militairen kregen daarom op 24 juli 1950 de tijdelijke status van militair van de Koninklijke Landmacht. De doorgangskampen buiten Java werden ontruimd. De Molukse militairen werden in augustus 1950 naar Java overgebracht.
Op 2 februari 1951 werd hem een keuze voorgelegd: demobilisatie in IndonesiŽ of tijdelijke naar Nederland. Niet alleen hij, maar 12.500 Molukse ex-KNIL-militairen met hun gezinsleden kozen ervoor tijdelijk naar Nederland te vertrekken.
Met het schip Roma vertrok hij op 7 maart 1951 van Tandjong Priok naar Rotterdam. 8 April meerde het schip aan in Rotterdam. 21 Maart 1951 werd hij uit militaire dienst ontslagen en hij ontdekte dat Nederland verre van tijdelijk was.
Op basis van zijn verdienste en als blijk van respect en waardering voor zijn inzet onder moeilijke omstandigheden wordt hem postuum toegekend: Ereteken voor Orde en Vrede
   
#  Verhaal van dominee Semuel Metiarij, die op het schip Roma zat. (bron: museumMaluka)
4. Soldaat der 2de klasse, A.R. Scipio (MOK EOV DEMOB)
Scipio, Adelbert Reginald is geboren op 28 oktober 1923 te Bandoeng. Hij trouwde op 25 juli 1946 te Bogor (Buitenzorg) met E. Flamand. Uit dit huwelijk werd een zoon geboren. Scipio werd als dienstplichtige ingedeeld bij de militie en kwam op 6 augustus 1941 in werkelijke dienst voor zijn eerste oefening.
Hij werd als militie geniesoldaat der 2de klasse zoekzichtbedienaar ingedeeld bij de verlichtingscompagnie van het 3de Bataljon Genietroepen (Gi III) te Tjimahi.
Zoeklichten werden ingezet bij de grondgebonden luchtverdediging om 's avonds en 's nachts vijandelijke vliegtuigen in lichtbundels te vangen.
Daarna kon luchtdoelgeschut deze toestellen onder vuur nemen. Na de mobilisatie in december 1942 diende Scipio waarschijnlijk bij het Verlichtingsdetachement Bandoeng ingedeeld bij het Commando Luchtverdediging Bandoeng.
Deze eenheid verdedigde de objecten rond Bandoeng: vliegvelden Andir en Kalidjati en de Artillerie Constructie Winkel.
Scipio werd na de capitulatie van het KNIL op Java in het Geniekampement te Tjimahi gevangen genomen.
Op 15 januari 1943 vertrok hij met de Java Party 9 (het 9de krijgsgevangenentransport van Java) van Batavia op het schip de Harugiku Maru 2 naar Singapore. Na een kort verblijf in het doorgangskamp Changi werd hij op 29 januari 1943 met treintransport 43 naar Thailand getransporteerd.
Daar werd hij aan de Birma-Siam spoorlijn te werk gesteld. Aldaar werd hij op 15 augustus 1945 bevrijd.
Na zijn bevrijding verbleef Scipio nog enige tijd in Siam. Pas op 10 maart 1946 vertrok hij naar Bali.
Hij werd ingedeeld bij het 2de Bataljon van de Bali-Lombok-Brigade. Op 15 oktober 1946 volgde indeling bij het Subsistentenkader Genie. Vervolgens werd hij geplaatst bij de verbindingsdienst te Batavia.
Op 11 juni 1948 verliet Scipio de dienst met groot verlof.
Op basis van zijn verdienste en als blijk van respect en waardering voor zijn inzet onder buitengewoon moeilijke omstandigheden wordt hem postuum toegekend: Mobilisatie-oorlogskruis Ereteken voor Orde en Vrede Demobilisatie-insigne KNIL.
   
# Java Party 9
# Harugiku Maru 2

   
-◊- Location of the sunken Japanese ships with the Allied POWs in transit
-◊- Netherlands Foundation for War Victims in the East : Japanese archives and contacts (SOO)
-◊- Stichting Oorlogs getroffenen in de Oost
-◊- Passagierslijsten
-◊- Soldaten in het Koninklijk Nederlands-Indische Leger (KNIL)
-◊- Camps on the Death Railway
 
-◊- Eerdere postume uitreikingen op Bronbeek
-◊- Interview Roel Rijks Veterenanen instituut
Afbeelding kan het volgende bevatten: tekst
 

                             - met dank aan Roel Rijks-

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
 
 
Stichting Vrienden van Bronbeek
Koninklijk Tehuis voor Oud-militairen en Museum KTOMM Bronbeek 
     
mail: svvb1983@gmail.com

 

SVVB
 
 
@ SVVB