NIEUWS
VERSLAG LEZING THEO DOORMAN 16 DECEMBER 2018
verslag gemaakt door Bernadette van Straelen (haar oudoom kwam om in de Slag van de Javazee)
15 augustus 2018 Theo Doorman (83 jaar), de zoon van Karel Doorman. Theo Doorman is na het zinken van de schepen bij de Slag in de Javazee (1942) in Nederlands-IndiŽ met een vliegboot Catalina naar AustraliŽ gevlucht (dat overleefde hij ternauwernood) en daarna via New York en andere omzwervingen in Chaam terechtgekomen.
 
Theo Doorman met het model vliegboot Catalina waarin hij voor de japanners vluchtte (AD 5-10-2018)
 
Lezing Theo Doorman īIn de schaduw van de Javazeeī
 
Een paar weken geleden hield Theo Doorman de lezing īIn de schaduw van de Javazeeī in Bronbeek. Doorman ook wel bekend door het verhaal over zijn vader, Schout bij Nacht, Karel Doorman. Hij was de man die leiding gaf aan de Combined Striking Force gedurende Slag in de Javazee. Met enthousiasme begint de heer Theo Doorman te vertellen; “De hoofdtitel duidt op de periode, gebeurtenissen en belevenissen die in mijn leven en in dat van een groot deel van mijn generatie een belangrijke rol hebben gespeeld en zelfs na driekwart eeuw in enige vorm weer boven komen drijven.” en zo neemt hij ons mee terug in de tijd van Nederlands IndiŽ in het midden van de vorige eeuw.
 

 

 

 

foto's lezing Bert van Willigenburg

Op de landkaart wordt het hoofdeiland Java aangewezen met de hoofdstad Batavia en de grote Marinebasis Soerabaja, Sumatra bekend vanwege de olie-installaties in Palembang, Borneo hetzelfde met installaties in Tarakan, Balikpapan en Bandjermasin, dan Celebes, de Molukken, Timor en Nederlands Nieuw-Guinea. Als in mei 1940 de Duitsers de oorlog aan het neutrale Nederland verklaren, Rotterdam wordt gebombardeerd, capituleert ons land en wordt het bezet. De Koningin en haar regering gaan in Londen in ballingschap.
   
Slag in de Javazee
Het jaar 1941 luidt in. Nederlands-IndiŽ, dat nog al die tijd neutraliteit handhaaft ondanks de Japanse dreiging die steeds duidelijker wordt. In Juli van dat jaar wordt Theo Doorman 6 jaar oud en gaat voor het eerst naar school in Soerabaja. Tegen het eind van het jaar op 8 december 1941 vallen de Japanners gelijktijdig Hong Kong, de Filippijnen, Malakka en Pearl Harbor aan, (volgens de internationale datumlijn is het nog 7 december ). Dan verklaart Nederland nog voor Amerika de oorlog aan Japan. Na enkele dagen gaan het Britse slagschip ‘Prince of Wales’ en de slagkruiser ‘Repulse’ ten onder en Malakka en Singapore vallen half februari 1942 na een razendsnelle Japanse opmars. De machtige Japanse vloot-, luchtmacht- en legereenheden en hun invasievloten komen al na tweeŽneenhalve maand af op het laatste geallieerde bolwerk van de ‘Malay barrier’, het eiland Java. De geallieerden richten half januari 1942 in Bandoeng een gezamenlijke bevelsstructuur op (ABDACOM) en concentreren hun laatste verdedigingslijn vůůr AustraliŽ op Java.
   
De grote oppervlakteschepen (kruisers en torpedobootjagers) van de vier landen worden samengevoegd tot de Combined Striking Force, die onder bevel staat van zijn vader op zijn vlaggeschip de kruiser ‘De Ruyter’, die dan net als de andere schepen voorzien is van camouflage kleuren. De De Ruyter ligt die laatste dagen van februari vanaf haar binnenkomst - na een actie in de Straat Badung tussen Bali en Lombok – in Soerabaja. Theo en zijn moeder zijn dan uit het dorp Patjet in de bergen naar hun huis in de Javastraat teruggekeerd, maar moeten na een paar dagen bij het ochtendgloren in de oprit van hun huis, weer – naar zou blijken voor het laatst- afscheid nemen van zijn vader. Het moet 24 of 25 februari 1942 zijn geweest.
 

 

 

 

 

 

 

 

De voltallige bemanning van de Hr.Ms.”De Ruyter” vlak voor de slag in de Javazee.  (© Dornier Do-24K )

   
De moeder van Theo, de tweede vrouw van zijn vader, en Theo - 6 jaar oud – worden weer naar hun vakantiehuisje in Patjet gebracht om samen met mevrouw Bosse Van Tuyll van Serooskerken, de echtgenote van de adjudant van zijn vader, en haar babydochtertje de verdere gebeurtenissen af te wachten.
 
Vluchten naar Broome
De volgende dag, zaterdagmiddag hoorden ze van een Marine-buurman die uit Soerabaja boven komt dat een grote zeeslag heeft plaatsgevonden en dat de De Ruyter en de Java zijn gezonken. Omdat het die avond te gevaarlijk is om in hun eigen huis in Soerabaja te blijven, men had eerder bij het doorzoeken van het Japanse Consulaat een kaart gevonden waarop het huis in de Javastraat was gemarkeerd, slapen ze bij kennissen.
Zijn moeder was op de fiets naar Commandant Marine in Soerabaja Schout bij Nacht Koenraad langs geweest en deze adviseerde zijn moeder en hem om te evacueren en zich gereed te maken voor vertrek. De volgende morgenvroeg meldden zij zich bij het hoofdkwartier van de MLD om mee te gaan met een autokonvooi. Een kennis van hen nam hen in zijn auto mee achter het konvooi aan. Tegen het eind van de middag kwamen we aan in de buurt van Toeloengagoeng op de zuidkust bij een stuk afgedamde rivier waar vier Catalina ’s met de staart over een dijkje lagen te wachten. Bij het ontwaken ’s ochtends zagen wij onder ons een azuurblauwe baai. Dit was de Roebuck Bay bij het stadje Broome aan de NW-kust van AustraliŽ, zo’n 500’ zuid van Timor.
Eenmaal aan boord van de watervliegboot was het eerst nog rustig en speelde Theo met een van de weinig tinnen soldaatjes, die zijn moeder had meegenomen. Plotseling om half tien barstte een enorm lawaai los van motorgebrul, “fat-fat-fat” van kogelinslagen en gegil van mensen: “De Jappen, de Jappen”. Theo zag door het plexiglas van de blister boven zich een Zero vlak over scheren. Zijn moeder verscheen en rukte mij mee naar voren, schoof mij onder een kooi en ging boven op me liggen. Een echtpaar lag ook in het compartiment. De vrouw die naast ons lag was aan haar hoofd verwond en mijn moeder trachtte haar met het verband uit haar verbandtasje te verbinden. De Zero’s maakten een volgende run en spoedig waren de brandstoftanks tussen de twee motoren boven ons in brand geschoten. Mijn moeder trok me weer onder de kooi vandaan en samen klommen we de cockpit in.
 
Onderaan het trapje lag nůg een gewonde vrouw, mevrouw Lacomblť, de echtgenote van de commandant van de De Ruyter. Zij zei tegen mijn moeder dat ze niet kon zwemmen en dat we door moesten gaan. We klommen de cockpit in en via de SB-vliegerstoel sprongen we door het schuifluik in zee.
Zijn moeder zag hij toen niet meer maar wel het hoofd van iemand, die later de 12-jarige Rob Lacomblť bleek te zijn, de zoon van de commandant van de De Ruyter die tezamen met zijn vader vier dagen eerder was gesneuveld.
 

 

 

 

 

foto's privť-collectie © Theo Doorman

Samen zwommen ze door de zware olierook en kokend warme stukken water en doken onder als we een brullende Zero over hoorden komen. Na een uurtje verscheen plotseling uit de rook een Amerikaans sloepje, waar wij aan boord werden gehesen. Tien minuten later zag hij plots in het water het hoofd van mijn moeder verschijnen en ook zij werd aan boord gehaald. De sloep zat bomvol. Een mitrailleur kogel had in het water zijn heup geschampt en inderdaad herinnert hij zich een scherpe steek maar meer niet.
Dit is het broekje dat hij toen droeg met de twee gaatjes van de kogel.
 
In 1944 hertrouwde mijn moeder in New York met de scheepsbouwkundig Ingenieur Hans Woltjer die samen met Pieter Keesom en vier anderen begin 1941 vanuit Het Spui en het Haringvliet in een sloepje naar Lowestoft ontkwam. Hij is als reserveofficier MSD bij de Koninklijke Marine ingelijfd en naar IndiŽ gestuurd waar hij in september 1941 aankomt om op de werf van het Marine Establissement te Soerabaja te worden ingezet, die toen onder bevel stond van Kapitein Ter Zee Koenraad, commandant Marine te Soerabaja. Later vestigen ze zich in Schiedam, waar in 1949 Woltjer lid werd van de Hoofddirectie van de scheepswerf Wilton-Fyenoord in Schiedam, belast met de Nieuwbouw.
 
Jaren later in 2004 wordt zijn toen 93-jarige moeder uitgenodigd om op het Vliegveld Valkenburg de gerestaureerde Catalina PH-PBY te dopen met zijn vader’s naam. Het spreekgestoelte stond aan SB naast de cockpit en zo kon hij namens zijn moeder naar waarheid vertellen dat de laatste maal dat zij een Catalina vanuit ditzelfde gezichtspunt had gezien, 63 jaar eerder was geweest toen zij het water van Roebuck Bay in sprong.
 
Kort hierna ontvangt hij een e-mail van een Australische student in de maritieme archeologie van de Darwin University, genaamd Silvano Jung. Hij was bezig met een proefschrift over het vliegbootwrakkenonderzoek in Broome en had gedetailleerde vragen aan de moeder van Theo. Maar omdat zijn moeders herinnering sterk was verslechterd, kon hij hem alleen een verslag geven van wat hij zich als zesjarige herinnerde, namelijk dat hij aan het spelen was met een vliegtuigje met opvouwbare wielen en soldaatjes. Informatie was belangrijk voor de identificatie van de afzonderlijke wrakken die tezamen het grootste vliegbootkerkhof ter wereld vormen.
 

 

 

 

Theo Doorman speelt met tinnen soldaatjes in hun huis in Soerabaja, 1941. Op de achtergrond is vader Karel aan het werk. privťcollectie © Theo Doorman

 
Als later Theo Doorman Diederik van Vleuten ontmoet bij een van zijn theatervoorstellingen ‘Daar werd wat groots verricht’, wordt hij door Diederik gevraagd als ‘side-kick’ bij het programma Pauw en Witteman. Aan het eind van het programma komen er diverse reacties binnen, waaronder die van Liesbeth van der Stok- Koenraad. Zij bleek een dochter van Schout Bij Nacht Koenraad te zijn en bij een bezoek bij ons thuis in Chaam bracht zij een doos met papieren van haar inmiddels overleden vader mee ťn een koekblik met foto’s en luchtpostbrieven die hij in de periode van mei 1945 tot mei 1946 vanuit de Oost aan zijn pas-bevrijde familieleden in Holland schreef over zijn belevenissen tijdens- en net na de oorlog in IndiŽ en AustraliŽ. Zij vroeg aan Theo of hij dacht iets met het materiaal te kunnen doen.
 

 

 

 

 

Catalina 'Karel Doorman' - foto Geertje Besselink 2014

   
Pieter Koenraad
Pieter Koenraad is op 6 juni 1890 geboren in Dirksland op Schouwen-Duiveland als zoon van de Hoofdonderwijzer van de Lagere school aldaar. Na zijn middelbare school opleiding aan de HBS te Middelburg te hebben afgerond gaat hij naar het KIM te Den Helder en wordt in 1911, 1 jaar na de vader van Theo en zijn oom beŽdigd als Adelborst der 1e klasse, tegenwoordig ltz 3. Van 1921 tot ’34 dient hij in Nederland en is in IndiŽ achtereenvolgens commandant van een torpedobootjager, een divisie torpedobootjagers en van de marinekazerne Oedjoeng in Soerabaja.
 
Hij wil dat de brieven, die hij heeft geschreven, dat deze binnen de familie circuleren en 31 juli 1945 vervolgt hij met de beschrijving van zijn activiteiten als Commandant Marine Soerabaja in de periode van de meidagen in 1940, waarbij hij Duitse koopvaardijschepen in beslag neemt voordat deze door hun bemanningen tot zinken kunnen worden gebracht en de faciliteiten van het Marine etablissement moet uitbouwen en versterken totdat daar 18.000 mensen werkzaam zijn. “Wij deden in die eerste oorlogsjaren zoveel als wij konden voor Holland. Grote geldinzamelingen werden gehouden, niet alleen voor het Gouvernement, doch iedereen trachtte geld bij elkaar te brengen”, schrijft Koenraad.
 
In de volgende brieven ( 9 december 1945, 26 december 1945) beschrijft Koenraad de situatie die is ontstaan na het verliezen van de Slag in de Javazee. De beslissing om de complete Marinebasis en het vliegveld te vernielen, materieel te vernietigen en de evacuatie van militairen en schepen in gang te zetten en zo veel mogelijk nog de zorg voor de achterblijvende gezinnen te regelen. Hij is gefrustreerd over de incompetente verdedigingsacties van het KNIL; in het bijzonder windt Koenraad zich op over de onverwachte Japanse verovering van het vliegveld Den Pasar op Bali en de apathische houding van de generaal van de IIIe divisie van het KNIL, die Oost-Java moet verdedigen.
 
Als Koenraad In 1945 en ’46 zijn brieven schrijft zijn nog weinig Japanse gegevens bekend. In de laatste jaren zijn een aantal nieuwe boeken en biografieŽn verschenen die ons nu na driekwart eeuw meer inzicht verschaffen over die periode. Zo mocht Theo Doorman kort geleden op 24 september- helaas een halfjaar na de presentatie van zijn boek - in Leiden een eerste exemplaar in ontvangst nemen van  ‘Senshi Sosho – deel 26 ‘The Operations of the Navy in the Dutch East Indies and the Bay of Bengal’, een gedetailleerde vertaling van het Japans in het Engels van de complete Japanse operatieplannen van de verovering van IndiŽ door de Keizerlijke Marine eenheden en een evaluatie en bespreking van de uitvoering.
 
foto Bert van Willigenburg                                                          foto museum Bronbeek
 
Theo Doorman bracht de brieven van kapitein-ter-zee Pieter Koenraad (rechts), over de belevenissen tijdens de oorlog tegen Japan, bij elkaar en publiceerde ze in het boek -In de schaduw van de Javazee-
 
-◊-20. 27 februari 2016 Herdenking Slag in de Javazee
-◊-3 maart 1942 Roebuck Bay - Broome
-◊-Bernadette van Straelen Herdenking 27 febr 2016
-◊-De reis van zijn leven - Theo Doorman AD
-◊-Slag Javazee, verschillende visies 
-◊-Theo Doorman met Catalina
-◊-Catalina in actie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
 
 
Stichting Vrienden van Bronbeek
Koninklijk Tehuis voor Oud-militairen en Museum KTOMM Bronbeek 
     
mail: svvb1983@gmail.com

 

SVVB
 
 
@ SVVB